Week 16 Ko Phayam - Takua Pa

11 februari Ko Phayam- Ranong 
Taperen

Fietsverhalen gaan meestal over heroïek. Afzien. De afgelopen twee weken was er weinig af te zien. 40- 60 km trappen over tamelijk vlakke wegen van strand naar strand. Dat kun je niet echt heroïsch noemen en er valt dan ook niet zoveel over te vertellen. We staan als vanouds vrij vroeg op omdat het vanaf het middaguur toch te warm is om te fietsen. Houden een pauze onderweg bij een winkeltje voor een koel drankje en een banaan. En na nog weer een stukje fietsen zijn we er al weer en gaan op zoek naar een beachfront bungalow. We zijn natuurlijk geen strandtypes (want fietsers zijn geen strandtypes), maar op een strand kun je makkelijker nietsdoen dan in een kale hotelkamer in een Thais provinciestadje. En als je dan toch tijd over hebt, dan maar op een strand niks doen. 
Op het strand valt bovendien veel te observeren. Buiten Cha-am en Hua Hin, twee badplaatsen met veel toeristen is het stil op het strand. De Thai komen alleen in het weekend. Met de hele familie in de laadbak van de pickup. Met koelboxen vol eten en drinken installeren ze zich onder de bomen. En als ze daar al onderuit vandaan komen gaan ze gekleed te water, een bikini of zwembroek is kennelijk te bloot. Zwemmen kunnen ze nauwelijks dus het blijft beperkt tot wat spielerei in de vloedlijn. 
Je kunt aan de Thai dus niet zien of ze een tattoo hebben. Westerse toeristen hebben echter allemaal een tattoo. Van een klein vlindertje tot het hele lijf vol. Mannen en vrouwen. We voelen ons volledig buiten de groep staan, tattooloos als we zijn. Maar daar zijn we niet rouwig om. 

We zijn een paar dagen geleden van de oostkust naar de westkust overgestoken en dat ging gepaard met heuvels. Na meer dan een maand vlak fietsen was dat weer even wennen. Bovendien werd er flink aan de weg gewerkt met veel hobbelige en stoffige trajecten. Gelukkig zijn de wegwerkers (mannen én vrouwen) onze grootste fans. Opgestoken duimen en luide aanmoedigingen. En even wijzen op gevaarlijke kuilen in het verdwenen wegdek. 
We hebben nog 6 etappes te gaan de komende twee weken. Helaas (vind ik) met veel heuvels. Om goed in vorm te komen daarvoor zijn we neergestreken op Ko Phayam, een tropisch eiland dat nog veel van zijn oorspronkelijke charme heeft behouden. Althans volgens de Lonely Planet. Van onze vorige Azië-fietsreis weten we inmiddels dat als de LP dat schrijft je op het ergste voorbereid moet zijn, maar het valt hier nog een beetje mee. Geen hoogbouw, alleen kleine betonpaadjes, en rustieke bungalowtjes tussen de cashewnotenbomen. Maar vol met overjarige hippies en andere tattootypes. Gelukkig nog onontdekt door Neckermann en Tui. Hier gaan we maar even taperen. Voor de topvorm in de afsluitende etappes. 
 
12 februari Ranong - Laem Son NP 59 km
13 en 14 februari rustdag

Vogels

Tropische gebieden herbergen de kleurrijkste vogels. IJsvogels komen vooral in de tropen voor, net als bijeneters. Twee van de kleurrijkste vogels die wij onderweg tegenkomen. Ze zitten meestal op de draden langs de kant van de weg. We vragen ons vaak af hoe technici nog wijs kunnen worden uit de wirwar van draden. In de grotere plaatsen is het helemaal spaghetti wat er op palen langs de kant van de weg hangt. Draden die daar 's avonds worden gebruikt door treurspreeuwen die een enorm kabaal maken en de hele boel onder schijten. Een andere kleurrijke verschijning is de Indische scharrelaar. Zolang hij zit valt het wel mee, maar zodra hij zijn vleugels uitslaat is het een en al blauwe gloed die tevoorschijn komt. Uiteraard zijn niet alle vogels kleurrijk. Het is nogal een risico om opvallend te zijn. IJsvogels kunnen zich die kleurenpracht veroorloven, omdat ze niet te eten zijn voor andere vogels. Drongo's komen we ook veel tegen, maar die zijn voornamelijk zwart. Wel weer bijzonder is de rackettailed drongo, met twee lange draden aan de staart, met aan het uiteinde iets wat op een racket lijkt. 
Het duurde deze reis lang voordat we interessante vogels te zien kregen. De eerste ijsvogels zagen we toen we in Noord-Vietnam verkeerd reden, maar daardoor in een idyllische vallei terechtkwamen. We gingen wel de goede richting op, maar liepen vast toen de vallei steeds smaller en smaller werd en uiteindelijk de weg stopte in een fuik van heuvels. Het beeld van deze vallei zal ik nooit vergeten. Het leven leek hier stil te staan en er heerste een weldadige rust in het verder behoorlijk rumoerige Vietnam. Er waren overal kleine akkertjes op de vlakke stukken van de valei en tegen de heuvels op was het alleen maar bos. Een groene muur. We moesten weer 20 kilometer terugfietsen, maar hadden het er graag voor over. En daar zaten onze eerste ijsvogels. 
Mussen zijn overal, maar die reken ik niet onder de interessante vogels. Die hebben we thuis ook, alhoewel dat voor mij niet altijd een criterium is om vogels niet interessant te vinden. Toen we een paar jaar geleden in Sri Lanka waren vond ik het prachtig daar lepelaars, pijlstaarten, grutto's en smienten te zien. Soorten die je in Nederland ook kan zien, alhoewel het hoogstwaarschijnlijk om ondersoorten gaat die je in den vreemde ziet. In Canada zag ik pestvogels. Ook hier een ondersoort van de pestvogels die bij ons soms talrijk zijn. Ze zagen er precies hetzelfde uit en qua gedrag waren ze ook vergelijkbaar. Helemaal prachtig was onze reis naar de Galapagos-eilanden, waar ik stormvogeltjes van heel dichtbij kon bekijken. Ze vertoonden ook hier weer precies hetzelfde gedrag als de stormvogeltjes die je bij ons aan de kust en op zee kunt zien. Een beetje fladderende vlucht en met de poten op het water trappelend. Een vogel die we deze reis hebben gezien in China en in Thailand en die altijd boeiend blijft is de hop. In China ging de vogel er even goed voor zitten en zette zijn prachtige kuif op.
Ik maak er inmiddels de sport van overal waar ik ben aalscholvers te zien. Ook beslist geen veelkleurige vogel, alhoewel het zonlicht de vogel een hele mooie glans kan geven. Daarbij leg ik de lat niet heel erg hoog, want aalscholvers kom je werkelijk overal ter wereld tegen, als er maar veel water in de buurt is. Het lukt dan ook eigenlijk altijd. Op de Galapagos is dat overigens niet gelukt. Daar leeft een soort die het vliegen heeft verleerd, maar die op een eiland voorkomt dan waar we naartoe gingen. Volgens mij moeten we toch nog een keer terug naar die prachtige en zeer bijzondere archipel, want de albatrossen waren er ook niet toen wij daar waren. Hopelijk lukt het dan wel. Deze reis is het ook weer gelukt met de aalscholvers. Zeker hier in Thailand, waar we nu al een paar weken de kust volgen. Met name de Indische dwergaalscholver heb ik vaak kunnen spotten. 
De lat komt wat hoger te liggen bij de nachtzwaluw, een andere vogelsoort die erg tot mijn verbeelding spreekt. Een vogelsoort die in de tropen ook veel talrijker is dan bij ons.  Bij ons komt maar een soort voor, hier wel 6 of 7. In de verste verte geen familie van de boerenzwaluw of gierzwaluw (soorten die trouwens ook geen enkele verwantschap met elkaar hebben). In zijn algemeenheid is het vanwege zijn leefwijze een visueel lastig waar te nemen vogel, met (bij de Europeese soort) een heel karakteristiek geluid. Daar kan je hem gemakkelijker aan kan herkennen. De vogel heeft een prachtige vlucht, wat je natuurlijk alleen kan zien bij het vallen van de avond, 's morgens vroeg of bij een hele lichte nacht door een heldere maan. 
Vorig jaar zag ik in Suriname overdag 2 nachtzwaluwen, die zich warmden op een grote steen midden in de rivier. Normaal zitten ze overdag op de grond tussen de bladeren, vertrouwend op hun camouflage. Het was een koddig gezicht, want het ging hier kennelijk om een stelletje, waarbij het mannetje het voortbestaan van de soort wilde veiligstellen. Het vrouwtje speelde of hard to get of had hoofdpijn, want telkens als het mannetje op zijn korte pootjes haar wilde bestijgen, ging het vrouwtje net even een stukje verderop zitten.Van deze afwijzing moest het mannetje dan weer even bekomen, voordat hij een nieuwe poging ondernam, met hetzelfde resultaat. Maar ze bleef wel op de steen zitten. Je zou zeggen dat het opdringerige gedrag van haar partner haar verveelde, want ze sperde een keer haar grote bek wijd open, alsof ze geeuwde. Je kon goed zien waar de vogels de vliegende insecten mee vangen.
Vorige keer dat ik in Thailand was, nu 5 jaar geleden, heb ik een aantal nachtzwaluwen gezien, 's morgens bij het begin van een vogelexcursie. In Panama wemelde het van de nachtzwaluwen om ons huisje. Om welke soorten het precies ging heb ik niet kunnen achterhalen.
Een paar dagen geleden zaten we op het eiland Ko Phayam. Een prachtig eiland met mooie stranden, voornamelijk bevolkt door backpackers. We voelden ons een beetje oud en stelden wederom vast dat wij geen strandtypes zijn. Maar ja, we hebben wat tijd over en vervelend was het zeker niet. De tweede locatie waar we een paar nachten sliepen was op een heuveltje, met uitzicht op een meertje met bloeiende roze waterlelies. Volgens een recensie kon je hier iedere avond neushoornvogels zien. De eerste avond 1, de tweede avond wel 20. Wat ik hier ook zag was de Horsfields nachtzwaluw of large-tailed nachtzwaluw (caprimulgus macrurus). Het silhouet van een zwevende slanke vogel met een lange staart en de lange slanke vleugels enigszins in V-vorm kwam slechts enkele meters boven me langs. Een beeld van ongekende schoonheid. Hij vloog af en aan over het meertje en langs de lampen die op het grasveld stonden. Opeens hoorden we een hard, mechanisch, enigszins mysterieus geluid dat uit de bomen aan de overkant van het meertje kwam. Wat kon dat zijn? Ik zag de nachtzwaluw in het schijnsel van de lantaarn, waarna het geluid zich had verplaatst naar onze kant van het meertje. Het kon niet anders dan dat het geluid van de nachtzwaluw kwam. Het bewijs kwam door een zoektochtje op internet, waar een filmpje staat op YouTube (zoek op large-tailed nightjar en zet het gelui behoorlijk hard om maar enigszins een goede indruk van het geluidniveau te krijgen) van een roepende Horsfields nachtzwaluw. Het was een prachtige avond. 
 
15 februari Laem Son NP - Kuraburi 80 km
 
Ladyboy

Naast mannen en vrouwen heb je in Thailand nog twee andere categorieën: mannen die eerst vrouw waren en vrouwen die eerst man waren. De tweede groep lijkt veruit in de meerderheid maar misschien letten we niet zo goed op. Want het is soms tamelijk verwarrend. In Hua Hin zaten we op een winderig terras samen met andere westerse senioren aan het bier (nee, niet al om half twaalf) en werden bediend door een lieftallige jongedame. Ultrakort plooirokje, strak coltruitje waarin haar borsten goed uitkwamen, haar in een knotje, keurig geëpileerde wenkbrauwen en beschaafd opgemaakt. Een lekker ding zou Bram zeggen als ik niet in de buurt was. Totdat ze ons vroeg of we nog wat wilde drinken. Haar zware stem verraste ons, het was een jongeman!
Of de juffrouw die naar Bram zat te lonken vanuit het zwembad in Kanchanaburi. Lange blonde haren, sexy witte bikini. Ze schreeuwde om aandacht. Ik vond haar een beetje schonkig, maar Bram dacht daar anders over. Maar toen ze in het zwembad sprong had ik haar stem al gehoord, ja u raad het al. Bram twijfelde nog, er zat immers geen bobbel in haar/zijn bikinibroekje? Maar dat is er allemaal al afgehaald lieverd!

Een sexchange is hier namelijk niet zo duur, met 2500 $ kom je al een heel eind zagen we hier in een krantenadvertentie een paar jaar geleden. Of alleen de ballen eraf: 750 $.
Maar niet iedereen gaat zover om zich volledig te laten verbouwen. Soms bestaat de transformatie alleen uit mooi gelakte nagels en een paar oorbellen, in combinatie met een vrouwelijk loopje. 
De ladyboys of de heshe's (hijzij's) zijn heel gewoon hier en zo op het oog een maatschappelijk volstrekt geaccepteerd verschijnsel. Bij de 7 eleven, de Thaise gemakswinkel op iedere straathoek staat vaker wel dan niet een ladyboy achter de kassa. 
Maar of de medische procedure die vooraf gaat aan zo'n sekseverandering hier dezelfde zwaarte en zorgvuldigheid heeft als in Nederland vraag ik me af. En of de medische gevolgen in zo'n omgebouwd lijf goed worden bewaakt idem. Maar het is wel fijn te constateren dat in dit land kennelijk iedereen zo mag zijn zoals ze je zelf zijn wilt. Op seksueel gebied dan. 

Overigens zitten we vannacht weer in zo'n 24 uurs resort, dat naast overnachtingsplek voor vermoeide fietsers (80km vandaag) ook gebruikt wordt voor het seksleven van de Thai, met eigen dan wel andermans vrouw, al dan niet tegen betaling. Anders dan de vorige keer heb ik vanaf ons balkonnetje, terwijl Bram achter me een tukje doet, een goed uitzicht op het inkomend en uitgaand verkeer. Op dit moment, maandagmiddag 3 uur staan er vijf auto's. Het belooft een interessante middag te worden.
 
16 februari Kura Buri - Takua Pa 60 km